zaterdag 16 september 2000 / De Groene Amsterdammer & De Standaard /

Columns & opinie

Herfkens voedt oorlog in Sri Lanka

Nederlands ontwikkelingsgeld houdt indirect de oorlog in Sri Lanka in stand.

Ze zou het allemaal anders doen. De Augiasstal van haar voorganger op het ministerie van Ontwikkelingssamenwerking Jan Pronk bevatte bilaterale relaties met zo’n tachtig ontwikkelingslanden. Eveline Herfkens zou er flink de bezem door halen: tachtig landen, dat is alleen maar versnippering. Het moesten er zeventien worden, plus vier landen die ‘tijdelijk’ bilaterale hulp zouden krijgen.

Het nieuwe landenlijstje werd opgesteld aan de hand van drie criteria: het ontvangende land mag niet te arm zijn, er moet sociaal-economisch beleid worden gevoerd dat achtergestelde groepen helpt en er moet ‘goed bestuur’ zijn. De regeringen van die landen krijgen rechtstreeks geld van Nederland.

De discussie die volgde, eindigde onbeslist. Elke ontwikkelingsdeskundige kon met gemak een door Herfkens uitverkoren land noemen waar de criteria op z’n minst discutabel waren toegepast. Tanzania? Is dat niet het land dat vorig jaar door het gezaghebbende Transparency International als een van de meest corrupte landen ter wereld werd uitgeroepen? En als Macedonië arm is, waarom krijgt de andere 95 procent van de wereld dan geen bilaterale steun? De meeste voorbeelden werden met ministeriële tegenargumenten beantwoord - sommige overtuigend, andere minder.

Maar een jaar na deze discussie dient zich een voorbeeld aan dat navranter dan voorheen de leegheid van Herfkens’ criteria illustreert: Sri Lanka. Al zeventien jaar woedt in Sri Lanka een bloedige burgeroorlog. De Tamils strijden voor een onafhankelijke staat in het noordoosten van het eiland. Zij voelen zich terecht als tweederangsburgers behandeld. De strijdende partijen doen nauwelijks voor elkaar onder in martelingen, verdwijningen en standrechtelijke executies. Dit voorjaar laaide de strijd op door een grootscheeps en bovenal succesvol offensief van de Tamil Tijgers. Ruim 150.000 mensen zijn op de vlucht. De Srilankaanse regering reageerde door voor 150 miljoen dollar nieuwe wapens te kopen. En: alle ontwikkelingsprojecten zijn door de Srilankaanse regering stopgezet. Daar zit je dan met je criteria in het verre Den Haag. En moet je lijdzaam toezien dat je bilaterale geld in een smerige oorlog verdwijnt.

In een brief aan negen bezorgde niet-gouvernementele ontwikkelingsorganisaties erkent de Nederlandse regering ‘alleen maar (te) kunnen hopen dat de vredesinitiatieven (...) spoedig tot resultaten leiden’. Weliswaar heeft de Srilankaanse regering verzekerd dat door buitenlandse donoren gesteunde projecten niet stopgezet zullen worden, maar ook hier moet Herfkens toegeven dat ze daar geen enkele zekerheid over heeft.

Momenteel woedt in de krantenkolommen een discussie over Herfkens’ voorstellen om geen ontwikkelingswerkers meer uit te zenden. Laten we het eerst nog eens over die criteria hebben.