vrijdag 1 december 2006 / Internationale Samenwerking /

Nieuws & achtergrond

"Medicijnen zijn te duur voor arme landen"

Rijke landen komen hun verplichtingen niet na om arme landen aan goedkope medicijnen te helpen, aldus Oxfam in een recent rapport. Daarnaast zouden farmaceutische bedrijven arme landen onder druk zetten om goedkope medicijnen te verbieden. Farmaceut Novartis noemt de beschuldigingen “belachelijk”.

Vijf jaar geleden werd in arme landen het nieuws met gejuich ontvangen: binnen de Wereldhandelsorganisatie (WTO) was besloten dat arme landen goedkope kopieën van gepatenteerde medicijnen mogen produceren. In 2003 werd deze zogeheten Doha Verklaring uitgebreid met de bepaling dat gekopieerde medicijnen ook geëxporteerd mogen worden. In beide gevallen moet er sprake zijn van een gezondheidscrisis.

Dit was goed nieuws voor bijvoorbeeld aids-patiënten in arme landen. Medicijnen zijn voor hen onbetaalbaar, onder meer omdat farmaceutische bedrijven hun ontwikkelingskosten willen terugverdienen. Gekopieerde medicijnen (‘generieke medicijnen’) rekenen alleen de productiekosten en kunnen tien tot dertig keer goedkoper zijn.

Maar vijf jaar later blijkt de Doha Verklaring een dode letter, concludeert Oxfam in het rapport Patents vs. Patients: Five years after the Doha Declaration. “Een stille ramp voor patiënten in ontwikkelingslanden” zegt Adrie Papma van Oxfam Novib. “Het aantal patiënten in arme landen groeit, maar de medicijnen worden niet goedkoper en soms zelfs duurder.”

Arme landen ondervinden grote moeite om de nieuwe, complexe WTO-regels in hun nationale wetgeving te integreren. Ten eerste ontberen veel arme landen de juridische kennis. Daarnaast sluiten met name de Verenigde Staten vrijhandelsakkoorden met arme landen waarin de gunstige WTO-regels teniet worden gedaan. Bovendien werken farmaceutische bedrijven de implementatie van de nieuwe regels actief tegen, zegt Oxfam. In India heeft de Zwitserse farmaceut Novartis een rechtzaak aangespannen om het gebruik van een generiek medicijnen tegen te gaan. Novartis maakt Glivec, een medicijn tegen kanker, voor $27.000 per patiënt per jaar. Een Indiase fabrikant produceert het voor $2,700. Papma: “Mocht Novartis winnen, dan kan dat een precedent scheppen. Zo’n 67% van de medicijneninvoer van ontwikkelingslanden komt uit India.”

Novartis laat vanuit Bazel weten de beschuldigingen “belachelijk” te vinden. Woordvoerder John Gilardi: “Ten eerste is het medicijn Glivec geschikt voor slechts zesduizend kankerpatiënten in India – dat is geen ‘gezondheidscrisis’ waar de WTO-regels over spreken. Daarnaast geven wij Glivec gratis weg als patiënten het niet kunnen betalen. Maar belangrijker: Oxfam denkt op de korte termijn. Als we generieke medicijnen toestaan, wil niemand meer investeren in nieuwe medicijnen die mensen in arme landen zo hard nodig hebben.”