Internationale Samenwerking, 1 maart 2005
Je kunt van andersglobalisten vinden wat je wilt, maar een ding moet je ze nageven: ze hebben actievoeren op een hoger niveau gebracht. Demonstraties tegen moeilijk te doorgronden instituten als de Wereldhandelsorganisatie (WTO) gaan steevast gepaard met vette knipogen, satire en ludieke acties. The Yes Men, bestaande uit Andy (een docent) en Mike (een werkloze) hebben het genre tot cabaret verheven.
The Yes Men onderhouden een fake website van de WTO (www.gatt.org, vernoemd naar een voorganger van de WTO), doen zich voor als vertegenwoordigers van de WTO en houden toespraken op handelscongressen en universiteiten. Ze treden zelfs op in een financiële prime time nieuwsshow van een grote Amerikaanse zender (CNBC). In alle ernst vertellen heren als dr. Kinnethrung Sprat en Granwyth Hulatberi, de grootst mogelijke onzin. Of beter gezegd: ze vertellen wat volgens hen de ware logica van de WTO is.
Zo verkondigen de mediaguerrilla’s in hun grijze pakken dat honger goed voor een economie is omdat het mensen aan het werk zet. Of dat menselijke stront veel bruikbare calorieën bevat, dus waarom niet de markt zijn werk laten doen en westerse stront naar derde wereldlanden exporteren, om er hamburgers van te maken? Gelukkig is er een partnership met McDonald’s, die de logistiek wil verzorgen. Of dat slavernij (“Involuntary Imported Labor”) economisch interessant lijkt, maar dat de WTO een veel betere oplossing heeft: sweatshops. Je laat de moderne slaven in land van herkomst, dat scheelt transportkosten en bovendien zijn in arme landen voedsel en huisvesting veel goedkoper. Mannen in dezelfde grijze pakken maken stilzwijgend aantekeningen.
Soms zijn The Yes Men vlijmscherp, soms is het van dik hout zaagt met planken – een serieuze discussie over de voors- en tegens van de WTO zit niet in het repertoire. Misschien moet je dat ook niet verwachten van guerrilla’s wiens belangrijkste wapen media-aandacht is, maar daarmee degraderen The Yes Men zich enigszins tot clowns.
Wie trapt er na alle media-aandacht – een film over The Yes Men won vele prijzen, waaronder de publieksprijs op IDFA – nog in hun valstrik? Wel, de halve wereld. Begin december 2004 was het twintig jaar geleden dat de ramp in het in Indiase Bhopal zich voltrok. Door een fout van wat nu een dochterbedrijf van Dow is, stierven duizenden mensen en ondervindt een veelvoud van hen blijvende gezondheidsklachten. Dow heeft nooit volledige verantwoordelijkheid willen nemen voor de ramp, maar nu verklaarde een woordvoerder van Dow – ene Jude Finisterra – tegen BBC World dat het bedrijf tot inkeer was gekomen en de “volledige verantwoordelijkheid” voor de ramp op zich nam. Het waren hole frasen, want Dow zou maar liefst twaalf miljard dollar aan de slachtoffers uitkeren. Het nieuws flitste de wereld over, en ook Nederlandse kranten besteedden er aandacht aan. Echt? Dow eindelijk overstag? Duh! The Yes Men did it again! De oorlogsbuit van de guerrilla’s was groot: voor talloze tv-camera’s kon de echte woordvoerder van Dow zich in allerlei bochten wringen om uit te leggen waarom het geen “volledige verantwoordelijkheid” wilde nemen voor de ramp die zich in een van haar bedrijfspoorten had voltrokken.
Recensie / Review:
The Yes Men: The True Story of the End of the World Trade Organization
Disinformation, 2004
ISBN 0-9729529-9-3
www.theyesmen.org















