vrijdag 1 februari 2002 / Wordt Vervolgd /

Reportages & interviews

Autochtoon als mascotte

Internationaal bestaan ze niet. Bij de Verenigde Naties kunnen ze niet aankloppen, omdat hun land geen lidstaat is. Maar in het Nieuwe Taiwan begint de aandacht voor autochtonen, austronesiërs, langzamerhand door te schieten.

TAIPEI – Eén voor een komen ze over het smalle bergpad aan gewandeld, zigzaggend tussen gaten en kuilen. Aardbevingen en tyfoons hebben recentelijk grote schade aangericht. Flinke stukken land, wegen en tientallen huizen zijn door het kolkende water van de rivier Choshui opgeslokt. Een bergpad is nu de enige verbinding naar de afgelegen boerderij van Szu A-ting. ‘Wereldberoemd’ zijn ze: de leden van de zing- en dansgroep Bunun Aboriginal Arts and Culture Company. Met z’n twintigen proberen ze hun bijna verdwenen cultuur levend te houden. Ze traden op in Frankrijk, Italië, Groot-Brittannië, China en Nederland. Ze zijn zelfs op bezoek geweest bij de paus, getuige een foto in de woonkamer van Szu A-ting.

Vandaag is hun manager Susan Tsai uit hoofdstad Taipei overgekomen. Zij is Taiwanese van Chinese afkomst. Ze organiseert reizen, onderhoudt contacten met de concertzalen en regelt de subsidies die de groep van de Taiwanese regering ontvangt. Vandaag heeft Susan poloshirts en jassen meegenomen, zodat de groep op de volgende buitenlandse tournee netjes gekleed gaat.

Er wordt geoefend. Traditionele kostuums vervangen spijkerbroek en T-shirt en even later galmen repeterende, eenvoudige, meerstemmig gezongen melodieën tussen de bergwanden - traditionele liederen voor tijdens het koken, het oogsten of om de jagers welkom te heten bij hun thuiskomst. Als ze een van de drinkliederen oefenen, spelen de zangers dat ze dronken zijn. Vroeger waren de austronesiërs geduchte koppensnellers. Nu dansen de groepsleden rondom een poppenhoofd om de geest van het slachtoffer voor eeuwig uit het hoofd te verjagen. Hapklare folklore, een exotische variant van de Zaanse klompendans. “Noem het kunstmatig”, zegt leidster Szu A-ting, “maar het is de enige manier om onze liederen te behouden. Als er geen uitvoeringen zijn, zouden alleen de ouderen af en toe nog eens wat zingen.” Manager Susan geeft nog wat aanwijzingen voor de choreografie. Als de oudste zanger zijn T-shirt met Mao-opdruk weer aan heeft, eten de leden geroosterd varkensvlees en in bamboe gestoomde rijst. Buiten. Want binnen kijken de kinderen naar Amerikaanse cartoons met Chinese nasynchronisatie.

Ze vormen zo’n anderhalf procent van de Taiwanese bevolking van 23 miljoen, en hebben geen verwantschap met de Chinese cultuur. Er zijn tien verschillende stammen, met elk een eigen taal. Ze lijken ook niet op Chinezen: de austronesiërs zijn gedrongen en hebben ronde ogen en een lichtbruine huid. Waarschijnlijk kwamen ze zo’n tienduizend jaar geleden van Filippijnse of Polynesische eilanden – daar is de wetenschap nog niet helemaal uit. De eerste Chinezen zetten enkele eeuwen geleden voet aan wal en langzaam aan verloren de austronesiërs hun eiland en traditionele levenswijzen. Tijdens de Japanse overheersing, de eerste helft van de twintigste eeuw, kwamen gedwongen verhuizingen en zelfs bombardementen met gifgas voor. In de tweede helft moesten ze zich zoveel mogelijk als Chinezen gedragen: hun talen werden ‘afgeschaft’, alleen Chinese namen waren geaccepteerd en hoge overheidsfuncties of posities in het onderwijs waren voor hen bij wet verboden. Maar sinds enkele jaren is een duidelijke kentering merkbaar. De austronesiërs zijn een mascotte geworden voor een ‘Nieuw Taiwan’. Waar komt die opleving vandaan?

Socioloog Chang Mau-kuei, verbonden aan het prestigieuze Academia Sinica: ‘Sommige van mijn studenten die de cultuur bestuderen raken zeer bevlogen. Ze zijn bijna meer austronesisch dan de austronesiërs zelf.’ Dat heeft meer te maken met de Taiwanezen dan met de austronesiërs, zegt Chang. ‘Taiwan maakt grote veranderingen door, en is bezig een nieuwe nationale identiteit te ontwikkelen.

De afgelopen decennia was de Volksrepubliek China het centrum van de Taiwanese wereld (zie kader, E.N.). Alle elementen die riekten naar een eigen Taiwanese cultuur werden uitgebannen, want dat zou een hereniging in de weg staan met een van communisten bevrijd Chinees moederland. Echter, na de hervormingen van begin jaren negentig beleefde de bevolking voor het eerst politieke vrijheid. Uitingen van de Taiwanese cultuur, ook die van de austronesische, werden niet meer onderdrukt. Steeds meer mensen zeiden: vergeet China, wij vormen een eigen natie.’

Het ‘Nieuwe Taiwan’ wil onderstrepen hoe anders het is dan China. En daar komen de austronesiërs goed bij van pas: als mascotte van politieke partijen die afstand tot China willen. Er is ook een internationaal aspect. China dreigt nog altijd - desnoods met geweld - de ‘afvallige provincie Taiwan’ in te lijven. De socioloog Chang: ‘Door aandacht aan de austronesiërs te geven, wordt geïmpliceerd: wij zorgen goed voor onze minderheden, vergelijk dat eens met de Volksrepubliek China en hoe Beijing met de Tibetanen of de islamitische Oeigoeren omgaat. Als we bij China worden ingelijfd, is het met de austronesiërs gedaan.’

Een van de belangrijkste verbeteringen voor de autochtonen is de grondwetswijziging van 1994. Sindsdien zijn autronesiërs gelijk gesteld met andere Taiwanezen. Maar die inhaalslag is nog lang niet voldoende, zegt professor Mab Huang, directeur van het Centrum voor Mensenrechten van de Soochow Universiteit in Taipei. ‘Een goede graadmeter is het herstelwerk na tyfoons: hun dorpen en wegen worden de laatste jaren steeds sneller hersteld. Wel na de overige gebieden, dat wel.’

‘Moeilijk op te lossen zijn de landkwesties. Sommige stamleden zijn jagers en wonen in gebieden die nu Nationale Parken heten. Daar komen veel toeristen op af en dat gaat niet goed samen met de jacht.’ Daarnaast heeft de razendsnelle industrialisatie van de Aziatische Tijger Taiwan heel wat milieuschade aangericht. Voor sommige van de schaarse bergwouden geldt een hands off-beleid. Mab: ‘Veel austronesiërs mogen hun traditionele leefgrond helemaal niet meer betreden. De regering geeft hen er ander land voor in de plaats, al is het bij lange na niet genoeg.’ De rehabilitatie van de austronesiërs dreigt te laat te komen, vind ook Mab: ‘Kern van de zaak is dat de leefwijze van de austronesiërs botst met de economische ontwikkelingen van Taiwan. Ze hebben te weinig maatschappelijk en politiek gewicht. Onlangs bezocht ik met studenten enkele stamoudsten. Toen mijn studenten vroegen wat ze konden doen om te helpen, antwoordden ze: Trouw een van onze zonen en dochters en maak zoveel mogelijk kinderen!’

Het onderzoekscentrum van Mab moest veel moeite doen om één enkele docent van austronesische afkomst te vinden, terwijl de overheid juist nu hun cultuur ontdekt. Bij de Olympische Spelen in Atlanta begon Taiwans olympisch lied met enkele van hen geleende strofen. Op basisscholen zijn lessen over hun cultuur verplicht.

Die opleving, zegt socioloog Chang, lijkt nu door te schieten. ‘Soms lijkt het een ordinaire mode: in kleding zie je austronesische thema’s opduiken; warenhuizen verkopen meubels met verwijzingen naar de austronesische cultuur en cd’s met austronesische muziek zijn populaire relatiegeschenken. Laatst zag ik zelfs een Chinees-Taiwanees stelletje trouwen in austronesische bruidskleding.’

Ook vanuit austronesische hoek is er kritiek. Neem Dianav Jengror, austronesiër en presentator bij een televisiestation dat louter nieuws brengt over austronesiërs. Jengror: “Wat is er tegenwoordig nog authentiek aan onze cultuur? We lopen aan de leiband van de regering, we zijn porseleinenpopjes geworden. Als ik heel somber ben denk ik wel eens: het is de overheid bijna gelukt om ons dood te knuffelen.”

Geschiedenis Taiwan
De austronesiërs wonen als zo’n tienduizend jaar op Taiwan, een eiland zo groot als Nederland, tweehonderd kilometer van de Chinese kust gelegen. Nadat de Nederlandse VOC-missie in 1661 na veertig jaar aanwezigheid door Chinezen was verjaagd, vestigden zich steeds meer Chinezen in Taiwan. Van 1895 tot 1945 was Taiwan een Japanse kolonie waarin met name de austronesiërs het zwaar te verduren kregen. Toen brak de Chinese burgeroorlog uit, en in 1949 werd de Kwomintang van Chiang Kai-shek verslagen door de communistische legers van Mao. Chiang Kai-shek stak met zo’n anderhalf miljoen volgelingen de Straat van Taiwan over. Taiwan kent dus drie bevolkingsgroepen: austronesiërs (1,5%), Chinese Taiwanezen (85%) en Chinezen die in 1949 naar Taiwan vluchtten (15%). De vluchteling Chiang Kai-shek ‘bezette’ Taiwan met een ijzeren, kapitalistische dictatuur. Hij bezwoer de communisten alsnog te verslaan en het Chinese moederland te heroveren. Decennia lang stond alles in het teken van die strijd — pas in 1987 werd de staat van beleg afgeschaft. Tot op de dag van vandaag eist China de ‘afvallige provincie Taiwan’ op, ondanks het feit dat Taiwan al meer dan vijftig jaar de facto onafhankelijk is. Begin jaren negentig brak een tijd van hervormingen aan. Politiek gevangen behoren nu tot het verleden.